De totale lijst van de 89 belemmeringen die door het programma zijn afgehandeld in 2017 (tot 12 oktober 2017) staat hieronder.

 

1 B-hout nu gezien als afvalstof en kan niet worden verstookt in biomassa ketel.
2 Er is te weinig nuancering binnen de EURAL codes waardoor sommige procesresiduen automatisch worden bestempeld als gevaarlijk afval.
3 Regelgeving belemmert (innovatieve) toepassing van houtafval. B-hout heeft de status van afval en kan daardoor niet worden aangemerkt als biomassa voor een vergasser binnen het activiteitenbesluit.
4 Afvalstatus houtachtige reststromen belemmert toepassing.
5 Mogelijkheden voor experimenteerrruimte in vergunningen zijn onbekend. Vergunningverlenende gemeenten én bedrijven zijn te weinig op de hoogte van de mogelijkheid om in de vergunning of middels tijdelijke ontheffing van bepaalde vergunningseisen of regelgeving experimenteerrruimte te creëren voor ketenprojecten.
6 Lokale toepassing van biotische reststromen als veevoer (vb voeren van schapen met uienresten van voedingsmiddelenindustrie) wordt belemmerd door afvalwetgeving
7 Driftarme technieken niet in het activiteiten besluit, dit belemmert de business case van de ondernemer.
8 Banken die zelf onder curatele staan.Aanvragen met overheid- steun/garantie worden dan niet aangevraagd. De onderneming zit dan per ongeluk in de verkeerde streek bij de verkeerde bank.
9 Fosfaat verkregen uit groene biomassa kan niet toegepast worden in de landbouw.
10 Fasering vergunningentraject transformatie Bodemas belemmert bedrijf.
11 Mogelijkheden voor experimenteerruimte in vergunningen zijn onduidelijk
12 Internationaal afval overbrengen voor proeven is een bottleneck.
13 Kunstgras importvergunningen zijn omslachtig.
14 Textiel afval versus grondstof knelpunt mbt verwerking in Turkije (dus buiten de EU).
15 Alleen onder specifieke voorwaarden mag afzet plaatsvinden van anaeroob digestaat uit vergisting van biomassa vanuit de agrifood naar akkerbouwgrond. Dit belemmert de toepassing.
16 Bij aanbestedingen wordt er nog te weinig rekening gehouden met innovatieve oplossingen; men kiest veelal voor “proven technology”. Dit belemmert innovatie.
17 Daken hebben nu veelal een lage borstwering waardoor multifunctioneel gebruik richting groene daken wordt bemoeilijkt vanuit veiligheid.
18 Raamovereenkomsten bij aanbestedingen belemmeren nieuwkomers.
19 Een bedrijf kan geen gebruik maken van de RDA-regeling omdat de betreffende R&D projecten prototypes levert die voor productie worden aangewend of worden verkocht. Dit belemmert de business case.
20 Bedrijven die autobanden maken waarschuwen ervoor dat Nederland geen striktere regelgeving moet aannemen dan in de EU gebruikelijk, als het gaat om stille banden.
21 Nederland is het enige Europese land waar Ethanol als kankerverwekkend is geclassificeerd. In ons omringende landen en de EU is dat niet zo en dat leidt tot grote problemen (emissie-eisen, substitutie-eisen).
22 Bedrijven die biobased grondstoffen inzetten als productiemiddel (hoogwaardige toepassing) in plaats van brandstof, vinden dat de SDE+ energiebedrijven bevoordeelt en chemiebedrijven benadeelt.
23 Op dit moment geven de provincies ontheffingen af van het stortverbod op harde kunststoffen zoals composiet. Dat zorgt voor een lage prijs per ton voor stort en een hoge prijs voor recycling. Dit belemmert de business case voor recycling.
24 Verdeeldheid in overheidsstandpunten leidt tot lastig traject van vergunningverlening
25 Bedrijf biedt licht als dienst aan in plaats van als product. Maar bij faillissement geldt natrekking van lichtinstallaties hetgeen zou betekenen dat investeringen dan verloren gaan.
26 Het probleem is dat NEN Normen zijn/worden gebruikt om marktverhoudingen te beïnvloeden, in dit geval ten nadele van echte innovaties en het klimaatbelang.
27 Ontgassingsverbod voor schepen belemmert innovatieve duurzame methode.
28 Autodelen is fiscaal gezien niet aantrekkelijk.
29 Het ontwikkelen van verzekeringsproducten geschikt voor de deeleconomie wordt bemoeilijkt door wet- en regelgeving.
30 Versnippering lokaal beleid voor autodelen
31 Autoverzekeringen sluiten autodelen via deelplatformen uit.
32 Bedrijf in Nl moet vergunning aanvragen voor gmo, in belgie heb je alleen een meldplicht. Investeren is daarom makkelijker buiten Nl.
33 Bestaande regels en afspraken lijkt de toetreding te belemmeren van partijen, die een rol willen spelen bij de inzameling en verwerking van ‘Waste Electrical and Electronic Equipment’/’Afval van Elektrische en Elektronische Apparatuur’ (AEEA).
34 Klimaat- en energieneutraal bouwen van schoolgebouwen en het feit dat in de wet- en regelgeving is bepaald dat scholen niet mogen investeren in schoolgebouwen.
35 Bij aanbestedingen voor o.a. het openbaar vervoer vragen de instanties steeds vaker om een eis qua rating waar de verzekeraar van het materieel aan moet voldoen. Het afgelopen jaar is er echter veel veranderd voor wat betreft het aantal verzekeraars dat openbaar vervoer wil verzekeren.
36 Het is niet mogelijk om als burger te participeren in hernieuwbare energieopwekking en de energieopbrengst te verrekenen met eigen thuisverbruik.
37 Een productielocatie kan bij gebruik van gas volstaan met een melding aan Bevoegd Gezag op grond van de vigerende Algemene Maatregel van Bestuur, het Activiteitenbesluit. Voor een stookinstallatie op hout is een Milieuvergunning voor alle bedrijfsprocessen noodzakelijk. Deze wettelijke belemmering weerhoudt bedrijven om over te gaan van gas naar houtstook met schoon resthout als inzet.
38 Bedrijven die ammoniak produceren gebruiken aardgas als grondstof; binnen het ETS-systeem worden zij belast voor het gebruik van deze grondstof, terwijl de doelstelling van het ETS-systeem is de uitstoot van CO2 te verminderen.
39 Gemeentelijke regelgeving voor het plaatsen van kleine (mobiele) windmolens (max diameter 1,7 meter) is niet uniform.
40 Opvragen van informatie voor graafwerkzaamheden is ingewikkeld.
41 Interpretatie omgevingsdienst aan de opzet van de PGS15 ten aanzien van de opslag van gevaarlijke stoffen.
42 Bij het permanent maken van de Crisis en Herstelwet zijn er zes gemeenten in Nederland aangemerkt als gebied voor innovatieve experimenten. Wanneer een bedrijf gevestigd in één van deze gebieden een milieuvergunning aanvraagt of wijzigt, dient de gemeente eerst een verklaring van geen bedenkingen af te geven aan de provincie (het bevoegd gezag). De procedure die normaal 8 weken zou duren, kan oplopen tot maximaal 6 maanden. Hiermee ontstaat een belemmering voor innovatieve investeringen.
43 Wijziging in de Crisis- en Herstelwet zorgt voor een vertraging in het proces voor een milieuneutrale wijziging i.p.v. een versnelling (hetgeen het doel is van de Crisis- en Herstelwet).
44 Er is onvoldoende inzicht is bij het Bevoegd Gezag over de consequentie van langdurige onzekerheid. Bedrijven werken met een investeringshorizon van tientallen jaren, terwijl de maximaal te verkrijgen autorisatieperiode momenteel 12 jaar is, maar waarschijnlijk aanzienlijk korter is. Dat een autorisatie ook steeds verlengd kan worden doet aan de onzekerheid niets af.
45 Eis bij aanbesteding sporthal: de binnenlucht moet minstens zo ‘goed’ zijn als de buitenlucht binnen een straal van 1 km rondom de sporthal. Bouwbesluit schrijft middelen voor ipv doel.
46 Barro bestemmingsplan en ontwikkeling: gemeente en ontwikkelaars terrein zijn verstrikt geraakt in een bureaucratisch traject met invullen van allerlei vragenformulieren.
47 Bedrijventerrein wil uitbreiden. Dat knelt met de PAS.
48 Groengebieden niet zijnde natuurgebieden hebben vaak geen status/ambitie, waardoor de meerwaarde voor deze gebieden niet altijd ervaren wordt. (of geen middelen beschikbaar zijn.)
49 De Natuurwet stelt rigide eisen aan compensatie van verloren gegaan natuur.   Flexibeler omgaan met compensatiewetgeving biedt meer mogelijkheden voor natuur. Natuurpuntensysteem zou hiervoor de oplossing kunnen zijn.
50 Verschillen in interpretatie van de natuurwetgeving en verschillende houdingen ten opzichte van regelgeving ten opzichte van de toepassing van regelgeving belemmeren proces vergunningverlening
51 Door belemmeringen is de innovatie gasexpansie zonder restwarmte niet mogelijk.
52 Nieuwe vormen van energieopwekking worden niet gestimuleerd.
53 Bedrijven willen overschakelen op biomassa voor hun energie en/of stoomopwekking maar komen niet in aanmerking voor SDE+ subsidie omdat het om te kleine hoeveelheden gaat (onder de 10 MWth).
54 Tijdelijke ontheffing van de accijns op bioLNG.
55 Belemmering: door salderen, opgenomen in de stroomwet (art 31.c), kunnen particulieren hun zelf opgewekte stroom op ieder moment terug leveren aan het net, wat de businesscase voor thuisopslag achter de meter ondermijnt.
56 Voor het zelf opwekken van energie moet in sommige omstandigheden een omgevingsvergunning aangevraagd worden. Dit leidt tot kosten voor ondernemers
57 Ondergrondse koudeopslag kent lange vergunningsprocedures, waardoor ondernemers hoge kosten maken.
58 Maximumkosten in de Warmtewet beperkt mogelijkheden innovatieve klimaatbeheersing.
59 Wetgeving biedt onvoldoende ruimte om ontwikkeling van flexibiliteit in energietarieven mogelijk te maken.
60 Energieopslag is in de wet niet goed gedefinieerd, waardoor initiatieven niet van de grond komen.
61 Opstalrecht noodzakelijk voor zonne-exploitanten.
62 SDE+ toewijzing vindt plaats door loting, waardoor veel innovatieve investeringen niet van de grond komen.
63 Netbeheerders kunnen investeringen in energieopslag niet terugverdienen, omdat zij geen energie mogen leveren.
64 Ontkoppelen prijs van gas voor hulpwarmteketels aan het gewone gastarief belemmert haalbaarheid van verduurzaming warmtenetten.
65 Door de korte termijn focus van het energielabel op energiebesparing middels de goedkoopste oplossing worden subsidies onvoldoende geïnvesteerd in het Nederlandse innovatieklimaat.
66 Mogelijkheden tot experimenten met flexibel netbeheer zijn in de Nederlandse wet maar beperkt opgenomen.
67 Bij het verduurzamen van de inzet van productiemiddelen voor de bereiding van warm tapwater, belemmert de huidige regelgeving – welke vereist dat de tapwatertemperatuur op 55 graden Celsius moet liggen in verband met Salmonella-beheersing- ondernemers bij een duurzame innovatie.
68 Ondernemers die energie willen verhandelen ervaren het als een belemmering dat enkel als BV-vorm toegang tot kwartierdata van energieverbruik van consumenten kan worden verkregen.
69 Bij lokale initiatieven om energie aan elkaar te leveren is er altijd bemiddeling nodig van een grote leverancier. Dit beperkt de mogelijkheden van onderlinge energielevering.
70 Ondernemers ervaren het feit dat grijze energie niet zwaarder wordt belast dan groene energie als een belemmering voor verduurzaming.
71 Biologisch keurmerk wordt niet verleend aan innovatief duurzaam product.
72 Publieke laadpalen beschouwd als enkele aansluiting leidt tot hoge kosten.
73 Doorleveren stroom voor EV beperkt door vergunningsplicht.
74 De afschaffing van de heffingskorting voor laadpalen leidt tot slechtere business cases voor Elektrisch Vervoer.
75 Door de hoge energiebelasting is het voor ondernemers niet aantrekkelijk om te investeren in zeer duurzame HT-WP.
76 De monitoringsplicht bij bodemenergiesystemen leiden tot extra kosten voor ondernemers, dit beperkt daardoor ook de afzet van deze innovatie   en duurzame energiesystemen.
77 Bedrijven en brancheverenigingen melden dat de PGS systematiek leidt tot gedetailleerde (middel-)voorschriften in plaats van doelregulering, waardoor gelijkwaardige alternatieven die bedrijven aanvoeren niet worden geaccepteerd. Dit belemmert innovatieve oplossingen en leidt tot hoge kosten voor deze bedrijven.
78 De implementatie van de huidige Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen (PGS 29) in vergunningen zonder toepassing van de risico-benadering.
79 Incident industrie melden moet via call center sinds kort in plaats van rechtstreeks.
80 Goedkeuring vanuit de overheid van keurmerk.
81 Vergunningtraject en milieuvergunning verloopt moeizaam.
82 Termijn OV-concessie is te kort voor de terugverdientermijn van elektrische bussen.
83 Autonoom rijden / Snelheidsbeperking automatische functies beperkt het gebruik van innovatieve vervoersmogelijkheden
84 De ondernemer die een duurzame woning bouwt of laadinfra aanlegt, moet lang wachten op de realisatie van een netaansluiting, waardoor investeringen in innovatie minder snel kunnen worden terugverdiend.
85 De hoge kosten voor ondernemers als gevolg van diverse eisen voor Light Electric Vehicle (LEV) binnen de EU betekent dat het niet aantrekkelijk is te investeren in deze voertuigen.
86 Concurrentie van overheidsbedrijven belemmert ondernemers die laadinfrastructuur aanleggen en exploiteren.
87 Toepassingen met nanotechnologie als biocide komen niet op de markt omdat registratie te kostbaar is en te lang duurt.
88 Ondernemers maken hoge kosten om nieuwe procesvloeistoffen te laten voldoen aan REACH.
89 Plastics recycling naar nieuwe plastics: REACH en einde afvalstatus vragen.